Hoera, we mogen weer grappen maken. De marketing van SCARY MOVIE verkoopt de film als een terugkeer van de politiek incorrecte humor die de afgelopen jaren afwezig geweest zou zijn. In werkelijkheid bevat de film geen grap die vijf of tien jaar geleden niet door de beugel had gekund. De meeste grappen over alles wat ‘woke’ genoemd wordt hadden het zelfs beter gedaan in 2015, toen ze nog niet zo belegen waren.
In 2000 waren de gebroeders Wayans met SCARY MOVIE verantwoordelijk voor een opleving van het parodiegenre. De baggergolf die de bioscopen in navolging van hun verrassingshit overspoelde, met titels als DATE MOVIE en EPIC MOVIE, heeft het Wayans-werk misschien met terugwerkende kracht een hogere status bezorgd, maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat die eerste film al niet veel soeps was en SCARY MOVIE 2 zeker niet. Eigenlijk werd de reeks pas leuk toen de Wayansen weggestuurd werden en David Zucker (medegrondlegger van het genre met AIRPLANE!, TOP SECRET! en THE NAKED GUN) het overnam: SCARY MOVIE 3 is veruit de beste, en om deel 4 valt ook nog wel te lachen. Diezelfde Zucker hielp de franchise in 2013 om zeep met SCARY MOVIE 5.
Tot nu. De zesde SCARY MOVIE is weer een Wayans-film, en dat zullen we weten ook. Er wordt overdadig metacommentaar geleverd op de roerige geschiedenis van de reeks en allerlei castleden uit de eerste film keren voor het eerst in 26 jaar terug. Dit is een onvervalste legacyquel. De plot volgt de vijfde SCREAM, regelmatig onderbroken door min of meer op zichzelf staande sketches waarin gerefereerd wordt naar bijvoorbeeld THE SUBSTANCE, WEAPONS en GET OUT. Parodieën kun je het niet noemen, want de films worden niet gefileerd of bespot. De verwachting is dat we lachen om de verwijzing in een ongewone context. Wat als die kinderen uit WEAPONS zo raar rennen omdat ze gesnoept hebben van wietkoekjes?
Soms ontbreekt zelfs die variatie: in het TERRIFIER-segment wordt gewoon dezelfde grap gemaakt als in TERRIFIER 3. Art the Clown is de kerstman en een moeder heeft dat niet in de gaten omdat ze op haar telefoon kijkt. De originele scène was erg geestig, de herhaling is dat niet. Het is ronduit frustrerend hoe ongeïnspireerd scenaristen Rick Alvarez en de broers Craig, Keenen Ivory, Marlon en Shawn Wayans te werk gaan.
Neem ook de omgang met Shawn Wayans’ personage Ray: in de eerste twee SCARY MOVIES een homo in de kast. ‘De typische homofobie van de vroege jaren 2000’ merkt een personage in deze film op over de grappen die toen gemaakt werden. Inmiddels is Ray uit de kast gekomen, maar er weer terug ingekropen met behulp van onze lieve heer. Zo kunnen diezelfde grappen opnieuw gemaakt worden.
De scène waarin Ray zich ‘genezen’ verklaart, speelt zich af in een kerk en wordt dus gebruikt voor een verwijzing naar SINNERS. Wat SINNERS met conversietherapie te maken heeft? Niets, maar er zit een beroemde scène in een kerk in. Weet je nog? Die kerk in SINNERS? Die scène doen we een beetje na, maar in onze versie pijpt Shawn Wayans een microfoon, en dat is grappig want homo.
De regie is in handen van Michael Tiddes, die eerder met de gebroeders Wayans samenwerkte aan de pijnlijk onleuke parodiefilms A HAUNTED HOUSE en FIFTY SHADES OF BLACK. Zijn stijl wordt gekenmerkt door belabberde timing. In de beste spoofs volgen de grappen elkaar in zo’n hoog tempo op dat de missers niet eens opvallen. Tiddes is zo traag dat zelfs de weinige potentieel aardige grappen irritant worden.
Hoewel veel van de films die de gebroeders Wayans op de hak willen nemen maatschappelijk relevante thema’s hebben, laten ze kans om om echte satire te bedrijven consistent liggen. Politieke grappen blijven beperkt tot clichés over voornaamwoorden, woke-gedoe, DEI en racistisch politiegeweld. Ongeacht je mening over die zaken: wie het allemaal niet al honderd keer gezien heeft, heeft onder een steen geleefd.
