Dit is het jubileumjaar van JAWS en Steven Spielbergs beste film kan op diverse plekken in Nederland en België op dit moment weer genoten worden zoals het hoort: op het grote scherm in een volle zaal huiverende mensen. Dat JAWS de ultieme haaienfilm is staat buiten discussie, maar wie na het zien van dat meesterwerk nog een uiterst smakelijk digestief wil nuttigen met nog meer haaienhorror heeft geluk deze nazomer. DANGEROUS ANIMALS is heerlijk griezelentertainment uit Australië met een fijn scherp randje.
Het is voor iedereen vast wel een bekend persoonlijk ding. Soms heb je van die populaire acteurs of actrices bij wie het een tijdje duurt voordat je begrijpt waarom ze überhaupt rollen krijgen. Ze liggen je gewoon niet, je ziet het gewoon niet. Om voor mezelf te spreken: het duurde met Meryl Streep tot ADAPTATION. voordat ik haar omarmde. Leonardo DiCaprio kon mij pas echt voor zich winnen in Tarantino’s ONCE UPON A TIME IN HOLLYWOOD. Brad Pitt had me eerder te pakken met FIGHT CLUB. Met de Australische acteur Jai Courtney was het tot dusver niet gelukt. Beetje saai, oppervlakkig, geen echte aanwezigheid op het scherm. Als zoon van Bruce Willis in de ellendige vijfde DIE HARD vond ik hem ronduit vervelend. In JACK REACHER had hij de pech het scherm te delen met Tom Cruise en natuurlijk Werner Herzog als überschurk. Hij was zo’n acteur als die gast uit AVATAR… wacht, even zijn naam opzoeken, oh ja, Sam Worthington. Die heeft mij nog altijd niet overtuigd, maar sinds DANGEROUS ANIMALS zit ik in kamp Courtney. Daarin speelt hij een perfect mengsel van Robert Shaws Quint uit JAWS en John Jarratts Mick Taylor uit WOLF CREEK.
In de openingsscène van DANGEROUS ANIMALS lijkt Courtneys personage Tucker nog niet gevaarlijk. Het stel dat zijn boot chartert om te gaan zwemmen met haaien vindt hem wellicht merkwaardig, maar hij palmt ze makkelijk in met zijn ruige Australische charme. Hij verontschuldigt zich zelfs als hij de Britse Heather een pom (een klassiek Australisch scheldwoord voor Britten) noemt, want dat mag je tegenwoordig ‘niet meer zeggen’. Maar al gauw, na het eerste staaltje schitterende onderwaterfotografie van DOP Shelley Farthing-Dawe, toont Tucker zijn ware aard. De toon is fantastisch gezet.
Dat is natuurlijk ook te danken aan regisseur Sean Byrne, die de Terrence Malick van de horrorfilm genoemd kan worden als het op productiviteit aankomt. Byrne debuteerde in 2009 met het geweldige (en lekker nare) THE LOVED ONES, om pas zes jaar later weer op te duiken met THE DEVIL’S CANDY, een korte en heftige relishocker. Tien jaar radiostilte en nu, in 2025, DANGEROUS ANIMALS. Het is zijn meest toegankelijke film tot nu toe, maar minstens zo sterk als zijn eerste twee. De opzet is vergelijkbaar: een enkele held versus een krankzinnige schurk, maar met Zephyr (erg sterke rol van cultactrice Hassie Harrington) creëert Byrne zijn meest memorabele held tot nu toe.
Dat vrijgevochten surferdudette Zephyr het pad zal kruisen van Tucker is logisch, maar dat duurt even. Byrne bouwt eerst het verhaal op met sympathieke nevenpersonages als makelaar Moses voordat hij zijn derde kat-en-muis-spel laat beginnen. Of is het kat-en-kat? Tucker en Zephyr zijn immers allebei sluw en intelligent, al krijgt de schurk aanvankelijk de meeste speelruimte. Want Byrne weet als geen ander hoe hij zijn bad guy moet neerzetten. Lola Stone uit THE LOVED ONES hoort in het pantheon der gestoorde filmduivelinnen en wat je ook van THE DEVIL’S CANDY mag vinden… Pruitt Taylor Vince met zijn steeds viezer wordende rode campingsmoking is de ster van die show.
En nu dus Jai Courtney. In de rol van zijn leven tot nu toe, durf ik te zeggen. Een spannende film is zo sterk als zijn schurk en de boef die hij hier neerzet is fenomenaal. Net als JAWS speelt de hoofdmoot van DANGEROUS ANIMALS zich af op open zee in haaienterrein en die dieren krijgen hier meer actiescènes dan in de film van Spielberg. Dus zet je schrap voor de serial killer-op-zee-horrorfilm waarvan je niet wist dat je hem nodig had.
