Bioscoop

Good Luck, Have Fun, Don’t Die(2026)

Gorehounds kunnen alle vingers waar ze niet mee swipen grondig aflikken, want na tien jaar afwezigheid is Gore Verbinski terug om op eigenzinnige manier af te rekenen met die verdomde kunstmatige intelligentie.

Aan het begin van deze eeuw leek Gore Verbinski onoverwinnelijk: zijn remake THE RING werd een trendsetter, de piratenfilm die hij het jaar erop maakte werd onverwacht het eerste deel in een van de meest winstgevende reeksen aller tijden en animatiefilm RANGO was een kritisch en commercieel succes. Maar toen kwamen de diepe dalen. Zijn verfilming van THE LONE RANGER werd een legendarische flop en ook horrorfilm A CURE FOR WELLNESS bracht amper iets op.

Er volgde een decennium radiostilte, maar als een maffe tijdreiziger in een Amerikaans bistro stormt Verbinski ineens binnen met een nieuw project. Een project dat begon als idee voor een satirische televisieserie, maar uiteindelijk maakte scenarist Matthew Robinson er toch een speelfilm van. Dat verklaart wellicht waarom GOOD LUCK, HAVE FUN, DON’T DIE qua structuur aanvoelt als een anthologiefilm.

GOOD LUCK, HAVE FUN, DON’T DIE begint met Sam Rockwell, die met bomgordel en doorzichtige regenjas een eetcafé in komt banjeren en de klandizie streng toespreekt. Zijn verhaal in een notendop: hij komt uit de toekomst en zoekt in dit restaurant een team om hem te helpen de wereld te redden. Dat heeft hij naar eigen zeggen al meer dan honderd keer gedaan, maar hij moet precies de juiste combinatie van mensen vinden. In zijn tirade bevestigt hij de theorie van vele ooms en tantes op een gemiddeld verjaardagsfeestje: de toekomst is volledig naar de klote gegaan door sociale media, mobiele telefoontjes en kunstmatige intelligentie.

Soms is zo’n introductie vol informatie even doorbijten, maar de eerste vijftien minuten van GOOD LUCK, HAVE FUN, DON’T DIE zijn juist een genot. Hoofdverantwoordelijk hiervoor is de altijd charmante Rockwell die als een tekenfilmfiguur door het restaurant galoppeert. Wat heet, Verbinski gebruikt regelmatig daadwerkelijk cartoongeluidjes bij zijn handelingen.

Na de introductie wordt het hoofdverhaal steevast onderbroken door segmenten waarin we de personages uit Rockwells kersverse team beter leren kennen. Ten eerste zijn daar Mark en Janet, erg leuk vertolkt door Michael Peña en Zazie Beetz. Zij zijn docenten, die zien dat al hun studenten niets anders doen dan op hun telefoon zitten. Niet veel later komen al deze scrollende jongeren als een leger zombies achter hen aan.

Het is zeker niet de eerste film die de link legt tussen zombies en het gebruik van mobieltjes (denk aan de erbarmelijke Stephen King-verfilming CELL). Sowieso moet GOOD LUCK, HAVE FUN, DON’T DIE het niet per se hebben van de vlijmscherpe satire. Maar de toon (die de herinnering oproept aan Edgar Wrights THE WORLD’S END) maakt veel goed: Verbinski toont zijn absurde, gortdroge en vaak heerlijk duistere humor. 

Die zwartgallige humor is het meest effectief in het segment van Susan (Juno Temple), een rouwende moeder die haar zoon verloor bij een schietpartij op een middelbare school. Deze high school shootings vinden inmiddels echter zó vaak plaats dat de meeste ouders er niet eens meer van onder de indruk zijn, vooral omdat je tegenwoordig je kind makkelijk kunt klonen. ‘We zijn al aan onze vierde versie toe’, lacht een stelletje. Maar Susan ontdekt wel dat als je voor de goedkopere kloon gaat, je kind wel dagelijks een reclametekst als advertentie uit moet kramen.

Ook het segment van Ingrid (Haley Lu Richardson) zou zo een aflevering van BLACK MIRROR kunnen zijn: zij heeft een allergie voor telefoons en wifi, maar raakt de liefde van haar leven kwijt als hij een VR-bril in huis haalt.

Terwijl deze segmenten op zichzelf mooie, compacte en begrijpelijke verhaaltjes zijn, wordt de hoofdlijn steeds gecompliceerder, iets wat we van Verbinski gewend zijn (wie kan het verhaal van de derde PIRATES OF THE CARIBBEAN navertellen?). Desondanks probeert Rockwell alles zo simpel mogelijk te houden: bij zijn uitleg over het verslaan van de kunstmatige intelligentie toont hij een USB-stick en stelt: ‘Dit ding moet in een ander ding voor de tijd op nul staat.’ Kijk, zo kan het dus ook, MISSION: IMPOSSIBLE.

Het is fijn om te zien hoe de film richting de climax steeds belachelijker wordt, à la EVERYTHING EVERYWHERE ALL AT ONCE. Beide films hebben ook hetzelfde mankement: de lengte. Want bijna tweeënhalf uur is toch net iets teveel van het goede. Ook dat is een typisch Verbinski-probleem. Anderzijds: liever een te lange Gore Verbinski dan helemaal geen Gore Verbinski.

© Jasper ten Hoor
24 juli 2026
  • Titel
    Good Luck, Have Fun, Don't Die
  • Lengte
    134 minuten
  • Regie
    Gore Verbinski
  • Scenario
    Matthew Robinson
  • Cast
    Sam Rockwell, Juno Temple, Haley Lu Richardson
  • Taal
    English
  • Land
    Germany, United States
  • Trailer
guest
0 Reacties
Advertentie

Ons magazine bevat nóg veel meer.

Word abonnee!

Als je houdt van de genrefilm, is ons magazine echt wat voor jou.
Neem een abonnement en voor slechts 35 euro valt-ie 6x per jaar op je mat.