Een samoerai tegen een horde kannibalen. Wat heb je nog meer nodig? LONE SAMURAI is een elementaire vechtfilm met een allicht iets te lange aanloop, maar dat is makkelijk te vergeven zodra de actie losbarst.
Regisseur en scriptschrijver Josh C. Waller kiest ervoor om zijn uiterst simpele gegeven op te delen in drie segmenten: een filmhuisfilm met bijna geen dialoog, een horrorfilm met enige gore (hoewel het smerigste buiten beeld blijft) en een actiefilm die eigenlijk uit één lange gevechtssequentie bestaat.
Het verhaal is heel simpel: een eenzame samoerai (Shogen) strandt na schipbreuk op een onbewoond eiland en moet daar zien te overleven. Dan wordt hij gevangen genomen door kannibalen en observeert hun ondergrondse leefwereld. Uiteraard volgt uiteindelijk een confrontatie.
Het eerste half uur voelt soms bijna als slow cinema aan. Er wordt nauwelijks een woord gesproken, behalve in flashbacks naar het vroegere familieleven van de samoerai. Zijn tochten over het strand, over bergen en door de jungle leveren mooie natuurbeelden op, terwijl hij leert zich aan te passen aan zijn nieuwe situatie. Totdat de door hem gevonden vrede wreed wordt verstoord.
Vreemd genoeg wordt dit alles ingeleid met een kort geschiedenislesje over de mislukte pogingen van Kublai Khan (kleinzoon van Dzjengis Khan en keizer van China) om Japan te veroveren. Dit verklaart waarom de samoerai op een schip voer en legt de oorsprong van de term kamikaze uit, maar voegt verder helemaal niets toe.
Behalve dan dat het de samoerai verheft boven de kannibalenstam, die geen achtergrondverhaal krijgt en een reden voor hun levensstijl wordt toegedicht. Als vanouds hebben ze een donkerder huidskleur dan de ‘held’ (die ook nog eens door Shogen wordt gespeeld, met zijn Japans/westerse uiterlijk). Sommige dingen veranderen helaas (nog?) niet.
Het lijkt door die intro alsof Waller zijn eenvoudige verhaaltje niet op zichzelf durft te laten staan als middel om een doel te bereiken: de opbouw van spanning tijdens het gruwelijke ondergrondse midden, met de lang uitgesponnen actiescène als catharsis. Die onzekerheid is nergens voor nodig, dat middenstuk is lekker gruwelijk en de actie die erop volgt goed in beeld gebracht en gechoreografeerd.
Dat laatste is deels te danken aan twee Indonesische acteurs aan de kant van de kannibalen: stuntman Rama Ramadhan (THE RAID, THE NIGHT COMES FOR US) en acteur/vechtsporter Yayan Ruhian (THE RAID 2, STAR WARS: THE FORCE AWAKENS, JOHN WICK CHAPTER 3: PARABELLUM). Hun keiharde gevechtsstijl, ook gebezigd door de rest van de stam, komt tegenover het zwaardzwaaien van de samoerai te staan. Een spectaculaire, vermakelijke en bloederige confrontatie die goed in elkaar steekt en het wachten meer dan waard is. Meer is uiteindelijk niet nodig.