Een ongeluk komt zelden alleen en rampen al helemaal niet. Zo blijkt althans uit films als BAIT en CRAWL, waarin natuurrampen gepaard gaan met een uitbraak van hapgrage zwemmers. In THRASH is dat niet anders.
In dit Netflix-tussendoortje zorgt een orkaan maar weer eens voor een haaienuitbraak. De dijken van het Amerikaanse stadje Annieville zijn nog maar nauwelijks doorgebroken of er zwemmen al haaien door de straten. Die zijn kennelijk uitgehongerd, want hoewel er honderden kilo’s aan rauw vlees in het water ligt (een bedrijfsongevalletje als gevolg van de overstroming) gaan ze maar al te graag achter mensen aan, ook al moeten ze daarvoor soms een huiskamer binnen zwemmen.
Het zijn overigens wel selectieve eters, want ze pakken alleen nare mensen of naamloze personages. De onschuldigen komen er opvallend goed vanaf. Ook met die andere bron van spanning, de orkaan, durft de film niet door te pakken. Vrijwel alle huizen blijven goed overeind staan en het blijkt prima mogelijk om met een bootje door de ondergelopen straten te varen. Nooit moet iemand zich uit alle macht vastgrijpen om niet te worden opgeslokt door de hevige wind. Kennelijk is dit een orkaan van de hoogste categorie, maar hij oogt als weinig meer dan de gemiddelde najaarsbui.
Misschien zou dit minder frustrerend zijn als in de openingsfase niet continu zou worden benadrukt hoe hevig deze storm wel niet is. Maar dat is nou eenmaal wat THRASH doet: zaken benoemen in plaats van ze te tonen. Meermaals wordt opgemerkt dat het water stijgt, terwijl daar niets van te merken is. Een man die ligt te kermen van de pijn vanwege een haaienaanval moet wel even vertellen welke lichaamsdelen precies zijn afgebeten.
Laatst stuitte ik op de Wikipediapagina die de aloude verteltechniek van setup en payoff uitlegt: vroeg in de film een element introduceren dat later een belangrijke rol zal spelen. Wikipedia noemt als voorbeeld de scène in ALIENS waarin hoofdpersoon Ellen Ripley laat zien dat ze in staat is tot het bedienen van een powerloader, zodat je er als kijker op voorbereid bent dat ze dat ding in het slotstuk gebruikt om het op te nemen tegen de alienkoningin.
Wat het artikel niet vermeldt, is de gelaagde uitvoering van deze setup. We zien niet simpelweg dat Ripley een powerloader kan bedienen omdat ze ermee aan het werk is, maar omdat ze aan haar superieuren vraagt of ze daarmee een bijdrage mag leveren. Een actieve keuze dus. Zo bewijst ze zich in deze vroege fase als een aanwinst voor het team in plaats van slechts een passagier; iets wat ze in de rest van de film nog veel meer zal doen.
Dit moment werkt dus als setup voor het climactische eindgevecht, maar is ook gewoon een goed uitgevoerde scène die iets zegt over het hoofdpersonage (dat kampt met een gevoel van nutteloosheid) en de verschuivende onderlinge verhoudingen (de stoere mariniers blijken best bereid Ripley een kans te geven zichzelf te bewijzen). Vroeger noemden we dat een efficiënte vertelling, tegenwoordig zou je het haast elegant noemen.
Zie de klunzige openingsfase van THRASH, die vol setups zit die zó opzichtig zijn dat je de payoff van mijlenver ziet aankomen. Zo spreekt de moeder van een hoogzwangere vrouw over een onderwaterbevalling. Nou, rara, wat zal er gaan gebeuren? Een ander personage ziet haar onlangs overleden moeder op een oude homevideo uitleggen hoe je een geweer moet stabiliseren. Tel maar af totdat dat een rol gaat spelen. Iemand vraagt of het raam het wel houdt wanneer de storm losbarst. De vraag stellen is hem beantwoorden.
Vooruit, liever een opzichtige setup dan helemaal geen setup. Maar is het echt te veel gevraagd om die informatie te verpakken in scènes die nog ietsje meer te bieden hebben? Het ALIENS-equivalent hiervan zou zijn dat Ripley zou zeggen: ‘Hé, een powerloader. Die kan ik bedienen.’ En vervolgens niets, want waarom zou die scène verder nog ergens over gaan of thematisch binnen het verhaal passen?
Het is de vraag in hoeverre de onhandige vertelling schrijver en regisseur Tommy Wirkola valt aan te rekenen, want kennelijk is dit gewoon Netflix-beleid. Naar verluidt dringt de streamingdienst er bij filmmakers op aan om plotpunten meermaals te benadrukken, bij voorkeur verbaal, omdat de gemiddelde Netflix-kijker met een slechts half oog films bekijkt terwijl die vooral naar zijn telefoon staart.
Maar wordt dat zo langzamerhand niet een kip-en-eiverhaal? Zit die kijker niet gewoon op zijn telefoon te scrollen omdat Netflix-films alles zó ontzettend voorkauwen dat er geen reden meer is om nog actief te kijken? Ondergetekende laat zijn telefoon altijd netjes uit de buurt om zo goed mogelijk op de film te kunnen focussen, maar bij dit verveelfestijn ontstond na enige tijd een behoefte om dat apparaat toch maar op te zoeken voor wat vertier. Op deze manier ga je de strijd met de telefoon niet winnen, Netflix.