BUt
BUt
Nieuws
12 september 2011

Verslag BUT 2011

BUt BUT, het B-movie, Underground en Trash Filmfestival is voorbij. De Nieuwe Veste in het centrum van Breda was de afgelopen vier dagen weer een walhalla van slechte, goede en in elk geval altijd verrassende films en performances.

Schokkend Nieuws bezocht ook deze zesde editie van het BUT. Het festival is zo langzamerhand uitgegroeid van een kleinschalig evenement in een oude loods buiten de stad tot een opvallend vijfdaags evenement in de Bredase binnenstad. Dit jaar – met een excentrieke modeshow in de St. Jansstraat – zichtbaarder dan ooit.

BUT bood ook dit jaar weer films die in het programmaboekje worden onderverdeeld in  B-movie, Underground of Trash. Helemaal duidelijk zijn de selectiecriteria niet. WUSS (Clay Liford, 2011), bijvoorbeeld, is een aardige Amerikaanse indie-komedie rond een jonge docent wiens moed, in een scenario dat knipoogt naar DANGEROUS MINDS, danig op de proef wordt gesteld. Geen big-budgetproductie, maar de aanwezige makers B-filmers noemen is een belediging. Underground of trash is het natuurlijk al helemaal niet. De film kan toch niet alleen maar geprogrammeerd zijn, omdat de sympathieke regisseur vorig jaar ook op het festival was met EARTHLING? Wat PHASE 7, in april ook onderdeel van het Latino-programma van Imagine, tot een echte BUT-film maakt is ook niet duidelijk.

PHANTOM OF THE TOWN (2010), een vreemd filmpje uit Japan, is dan beter op zijn plaats. Hiroshi Toda vertelt het verhaal van een oude man die ieder ochtend een roos koopt en daarmee als levend standbeeld poseert op een straathoek in de stad. Iedere dag passeren dezelfde mensen, ziet hij dezelfde westerling bedelen en eet hij lunch aan het raam van een lieve noedelverkoopster. Thuis werkt de man aan een zelfportret en vermoordt mensen. Wanneer hij genoeg geld heeft verdiend, koopt hij een gouden schildpadje in een antiekwinkel en geeft dat aan de lieve noedelverkoopster. Het verhaal is verre van coherent, goedkoop gefilmd en zwak geacteerd, maar de consequent naïeve toon werkt in het voordeel van de film.

Zoiets zou bij andere festivals in Nederland weinig kans op selectie maken, maar heeft toch z’n charme. BUT voorziet daarmee in de behoefte van een kleine, maar avontuurlijk ingestelde groep filmliefhebbers. Ook AN ACRID YARN (Ike Duncan, Tony Roberts, 2010) mag gezien worden. In de zwarte komedie wordt langzaam maar zeker gereconstrueerd hoe een Amerikaanse pastor de ene naar de andere doodzonde beging. De film wordt ontsierd door een zwakke hoofdrolspeler en duurt te lang, maar geestige scènes zijn er volop. Geen betere illustratie, tot slot, van het raison d’être van BUT dan de Franse film MAQUINAS INFERNALES. Het verhaal over een Poolse gastarbeider die in een Franse fabriek een ongebruikte machine vindt, waaruit zwartgeblakerde Spaanstalige demonen te voorschijn komen, houdt na 54 minuten abrupt op. En dat terwijl de bijzondere personages en de originele plot nieuwsgierig maakten. Regisseur Simon the Pernolitz kwam geld te kort. Hij maakte de film tijdens BUT af middels een geïmproviseerd toneelstukje waarin enkele aanwezige regisseurs en vrijwilligers als acteur dienst deden. Het was een van de hoogtepunten van BUT 2011.

Seks en schandaal zijn vaste ingrediënten van BUT. Zo vertelt  PROFANE hoe een jonge moslimvrouw een carrière begon als Dominatrix; zorgt een virus in THE TAINT ervoor dat alle mannen veranderen in permanent ejaculerende moordenaars en spreekt de titel van TOO MUCH PUSSY redelijk voor zich. Overigens bood ook het blokje korte Nederlandse films een gepeperde verrassing voor het groepje minderjarigen achterin de zaal. OH MY LORD! van de Nederlandse porno-animators van Clayfux is legendarisch onsmakelijk. Niet op uw werk bekijken:

Hoofdgast dit jaar was underground regisseur Nick Zedd. De New Yorkse filmmaker en kunstenaar regisseerde lowbudgetfilms met titels als THEY EAT SCUM (1979), GEEK MAGGOT BINGO (1983) en POLICE STATE (1987) en legde daarmee de grondslag voor de zogenaamde Cinema of Transgression.  SN’s Phil van Tongeren sprak uitgebreid met Zedd. In Schokkend Nieuws #92 lees je het interview.

Zedd en ook de Duitse regisseur Marian Dora hielden zich verder wat op de achtergrond. Fred Vogel, Shelby Vogel en Jerami Cruise, die samen het beruchte horrorproductiehuis Toetag Inc. vormen, waren wel alom aanwezig. Zij kwamen om het tienjarige jubileum te vieren van hun fake-snuffhorror AUGUST UNDERGROUND en gaven een goedbezochte workshop over de special effects in hun films. Simon the Pernolitz meldde zich als vrijwilliger en zat een groot deel van de workshop vastgebonden met een plastic zak over zijn hoofd.

Voor de fans van het brute geweld en sadisme in de Toetag-films moet hun nieuwste film een teleurstelling zijn. SELLA TURCICA, over een Amerikaanse soldaat die uit Afghanistan terugkeert met lijkwit gelaat en gewelddadige neigingen, bleek een saaie dramafilm. De rentree van Camilie Keaton (WHAT HAVE YOU DONE TO SOLANGE?, I SPIT ON YOUR GRAVE) bewees eigenlijk alleen dat we aan haar geen groot actrice verloren hebben. Moedig dat Vogel iets anders probeert dan martelhorror, maar drama gaat hem niet goed af.

Dat je soms maar beter kunt blijven doen waar je goed in bent, bewees Martin Degville. De vroegere zanger van de cyberglamrockband Sigue Sigue Sputnik gaf op zaterdagavond een concert in De Boulevard. Degville kon zich nauwelijks bewegen op zijn naaldhakken en werd regelmatig aan het gezicht ontrokken door de rookmachine, maar het concert was een enorm succes. Met het hitje Love Missile F1-11 als hoogtepunt, natuurlijk. De Brit, getooid met enorme veren en voorzien van Mohikanen-make-up, had het duidelijk zeer naar zijn zin en kwam voortdurend van het podium om zich te mengen tussen alle andere freaks in Breda.

Zaterdagavond vond de uitreiking voor de BUT Award plaats. De BUT-prijs voor Beste Feature ging dit jaar jaar naar VIGASO van Sebastiano Montresor. De Beste Korte BUT-film was BORN AGAIN van Henrik Bjerregaard Clausen. Julia Ostertag won een special mention voor haar documentaire NOISE AND RESISTANCE. Fred Vogel ontving de Groundbreaker Award. Een nieuwe prijs voor filmmakers die een grote invloed hebben op de undergroundfilm.

Als Vogel, Simon the Pernolitz en de jongens van WUSS er volgend jaar weer zijn, riskeert BUT een beetje teveel een jaarlijkse vriendenreünie te worden. Inhoudelijk mag de programmering wel wat scherper: martelhorror was met drie grote Toetag-evenmenten en een oeuvreprijs wel erg prominent aanwezig, sommige andere films waren wat mainstream, terwijl juist de meer kunstzinnige films minder zichtbaar waren dit jaar. Wat een BUT-film precies is, mag dan obscuur zijn; wat een BUT-ervaring is, is iedereen die het festival wel eens bezocht heeft volstrekt duidelijk: altijd spannend.

Fan van horror, sci-fi en cult?

Neem een abonnement!

Ons magazine bevat nóg meer en staat vol interviews, recensies en achtergronden.
Voor slechts 35 euro valt-ie 6x per jaar op je mat!
Liever digitaal ontvangen? Dat kan ook!